• Afgelopen zomer was ik in de Sahara. Het meest afgelegen plaatsje waar ik was heette Tamegroute (vanwaar je in slechts 52 dagen op een kameel naar Timboektoe kunt reizen).
      • Op de dag dat we daar waren, was er de wekelijkse markt. Compleet met grote veemarkt, gigantische bergen meloenen, theekannen, heerlijk geurende kruiden en zoveel meer. Ik kwam ogen en oren tekort.
        • Veel toeristen waren er niet, ik denk alleen onze groep. Er waren kinderen die mij zo interessant vonden dat ze volgens mij weddenschappen afsloten: wie durft haar aan te raken :-). Maar het ging op een vriendelijke manier hoor, ik moest er erg om lachen.
          • Ik reisde met een groep en 1 van de groepsleden was trainer en coach, net als ik. We hadden een goede klik met elkaar. En toen we door dit dorpje liepen, op weg naar de markt, door smalle, overdekte steegjes vertelde ze me dit oeroude verhaal, misschien ken je het wel:
          Twee monniken, een rivier en een vrouw
            Twee monniken die op reis waren door Nepal, kwamen bij een rivier aan. Aan de oever stond een vrouw die wilde oversteken, maar er was geen brug. Ze was bang voor de stroming in de rivier, daarom vroeg ze of de monniken haar naar de overkant wilden helpen. De jongste monnik aarzelde. De oudste niet, hij zette haar op zijn schouders, waadde door de rivier en zette haar neer op de oever aan de overkant van de rivier. De vrouw bedankte hem en vertrok. De monniken vervolgden hun reis. De oudste stapte rustig door en genoot van het mooie landschap. De jongste was in zichzelf gekeerd en diep in gedachten verzonken. Na twee uur te hebben gelopen, verbrak de jongste het zwijgen en zei wat hem dwars zat: “Broeder, wij hebben geleerd dat we contact met vrouwen moeten vermijden, maar jij pakte haar op je schouders en droeg haar!” “Broeder”, antwoordde de oudste monnik, “Ik heb haar neergezet aan de overkant, terwijl jij haar nog steeds bij je draagt.”
                  • En precies aan dit verhaal moest ik gisteren denken toen ik een klant van mij aan de telefoon had. Ze had net een nieuwe baan en wat haar opviel was dat er erg veel oud zeer was bij haar nieuwe collega‚Äôs.
                    • Ik begrijp dat, het is de realiteit dat overheidsorganisaties lang niet altijd netjes met hun medewerkers omgaan. Dan druk ik me nog voorzichtig uit. En dat praat ik absoluut niet goed.
                      • Misschien heb jij inmiddels ook wel wat blauwe plekken opgelopen in je werkomgeving? Dan wil ik je graag het volgende meegeven: jij bent degene die bepaalt hoe je met dit oude zeer omgaat. Hoeveel invloed gun jij de persoon die jou misschien wel als oud vuil heeft behandeld? En hoe lang blijf jij die persoon (of personen) op je schouders dragen?
                        • Graag wil ik je bedanken dat je het afgelopen jaar mijn nieuwsbrief hebt gelezen. Dit betekent veel voor mij. Dit is de laatste van 2018. Ik wens je hele fijne Kerstdagen en een tof Oud & Nieuw. Ik kijk ernaar uit je in het nieuwe jaar beter te leren kennen!
                          • NB: op 1 februari kun je gratis bij mijn webinar
                      Van trekken aan een dood paard naar topresultaat bij de overheid
                          • zijn (je volgt dit online, vanachter je eigen computer). Je bent van harte welkom.
                      Meld je hier aan
                          • .